Thema: Het Verhaal, jouw verhaal?

Vandaag volgen wij het verhaal van onder andere Mo Gwadat, die durfde te zeggen, wat anderen vermijden, dat de multinationals op zoek zijn naar de top 0.1% werknemers. Dacht je dat voetballers soms wat te goed betaald worden, onlangs is er 1 werknemer voor 20 miljard overgenomen! Volgens Mo, heb je straks 2 lagen: de top 0.1% en de 99.9% die er niet toe doen, zij zijn voetvolk! Vandaag lezen wij het grootste en meest indrukwekkende verhaal, dat de schepper van alles, alle bedrijven, alle natuur, alle mensen, op het moment dat de toekomst van deze wereld voorgoed verandert, als eerste een prostituee aanspreekt. Waarmee Hij laat zien dat Zijn Koninkrijk niet van deze wereld is. Grootsheid is voor Hem anders gedefinieerd dan door de multinationals in deze wereld**.**

In Liverpool groeide John Lennon op, twee straten verwijderd van zijn moeder. Zijn vader, was weg, zijn moeder kon niet voor hem zorgen, ze was dichtbij en toch ver weg. En toch, of misschien daarom, geloofde hij in iets wat hij eigenlijk nog nooit had gezien: een wereld van liefde. “Imagine all the people, living life in peace.”, als iedereen maar echt(!) zou willen, als er maar geen hemel, geen hel, geen landen, geen bezit, geen religie zou zijn. Het vuur brandt bij John, het verlangen naar het goede.

Mo Gawdat, was van kinds af aan al griezelig slim! Hij las alles! Kwantummechanica en relativiteitstheorie. Hij wilde de wereld begrijpen in formules en systemen. Hij maakte zelfrijdende auto’s, internet via ballonnen boven Afrika. Maar de man, met de slimste formules voor geluk, was jarenlang diepongelukkig. Hij kende regeringsleiders, had Rolls Royces, succes en macht, maar niets hielp. Hij kon de wereld verbeteren maar zichzelf niet. Maar slim als hij was, schreef hij met zijn zoon Ali een boek: de logica van geluk. Een daverend succes, vertaald in 28 talen!

Azriel David Fastag was een rechtvaardige man. Een voorzanger, een componist, een gelovige. Hij had een uitzonderlijke stem, hij zong God als het ware dichterbij, zijn melodieën droegen mensen. Hij geloofde heilig dat er drie wegen zijn naar God, via het denken, via het woord, en via muziek. Denken is krachtig, maar je kunt het niet delen. Woorden kun je delen, maar schieten vaak tekort. Maar muziek, muziek gaat rechtstreeks van hart tot hart!

Drie verhalen, zoals misschien die van jezelf, met ambities, dromen, doelen alles waar het leven vol van is!

Het is 8 december 1980. John Lennon is veertig. Hij is terug. Double Fantasy. Fotoshoot, radio-interview, muziekstudio. Hij lijkt vrij van alles wat hij ooit was. De man die zong “all you need is love” was thuis een andere man geweest. Hij sloeg. Hij verliet zijn eerste vrouw. Zijn eerste zoon Julian zei later: “Ik bewonderde hem op tv. Maar iemand die vrede predikt en het thuis niet kan waarmaken, dat is hypocriet.” En geld is, als je het hebt, toch ook wel wat moeilijker: Toen een vriend hem herinnerde aan de tekst “imagine no possessions” (stel je eens voor geen bezittingen), terwijl Lennon klaagde over zijn kosten in New York, werd hij boos en zei: “het is gewoon maar een liedje”.

2014. Dubai. Ali belt op: “Papa, ik voel me verplicht om langs te komen.” Vreemd woord. Verplicht. Maar Mo is blij. Ali moet alleen eerst nog een kleine ingreep, een blindedarmoperatie ondergaan, routine. Vier minuten, zegt Mo’s broer. Wat is vier minuten voor iemand die gelooft dat intelligentie alles kan oplossen…

1942. Warschau. De stad is bezet. Het getto is volledig afgesloten, Azriel wordt opgepakt. Niet vanwege iets wat hij deed. Vanwege wat hij was. Joods. Dat was genoeg. De wereld maakt geen onderscheid tussen rechtvaardigen en schuldigen. Onschuld beschermt je niet. Geloof beschermt je niet. De trein rijdt toch. De wagon wordt dicht getimmerd, van buitenaf. Honderden mensen. Mannen, vrouwen, kinderen, met bestemming: Treblinka. Het is donker in de wagon, komt de muziek dan ook? Muziek, in het donker, rechtstreeks uit het hart? De trein rijdt!

Vier schoten. De cassettes vallen. Op de marmeren vloer van het Dakota verspreiden ze zich, de laatste muziek die John heeft opgenomen. Daar ligt hij, met zijn verlangen naar vrede. De man die zong “all you need is love” stierf door een kogel van een man die dat niet geloofde. En wie kan zeggen, welke van de twee die boodschap van vrede het minst goed had begrepen.

Vijf vergissingen. Allen te voorkomen. Allen herstelbaar. Maar vijf! Vier uur later is Ali er niet meer. Mo blijft over met zijn formules, zijn intelligentie zijn geloof in menselijk vernuft. Er is niets wat hij kan doen. Geen logica helpt hem. De slimste man ter wereld zat in de wachtkamer, machteloos, als een kind. Zeventien dagen lang huilde Mo Gawdat. Op dag achttien ging hij achter zijn bureau zitten, Mo begon te schrijven. Niet over algoritmen. Over geluk. Over verlies. Over wat overblijft als alles is weggenomen.

Zes uur was de trein onderweg, in het donker van die trein, begon Azriel te componeren. Zijn muziek vertelde wat woorden niet zeggen kunnen, wat denkers niet begrijpen kunnen. Met de muziek, komen er woorden, woorden geschreven in de twaalfde eeuw: Ik geloof met volkomen geloof in de komst van de Messias, en al mocht hij ook talmen, toch wacht ik elke dag op zijn komst.” Zacht begint hij te zingen, daarna luider. Anderen in de trein vallen in. Het gezang zwelt aan, honderden stemmen in een gesloten goederenwagon, onderweg naar de dood.

John Lennon, stierf toen hij 40 was, geen tijd meer om zijn droom van een betere wereld aan mensen uit te leggen. Hij was een dromer, die wakker werd door zijn eigen falen en door het falen van anderen. De droom bleef, zonder een duidelijk fundament, want de verbeelding sterft als de dromer sterft.

Mo Gwadat schrijft een boek na zeventien dagen huilen. Miljoenen mensen lezen het, gewijd aan geluk, geluk voor Ali. Tegelijkertijd rekent Mo verder, zoals alleen een wiskundige kan. Zijn bedrijf Emma.love draait met 3 mensen, werk dat vroeger 350 ontwikkelaars vereiste. Hoe kun je gelukkig zijn wanneer er slechts plaats is voor 0.1% van de mensen? Wat blijft erover voor de misfits, de mensen die het niet kunnen, die niet ‘speciaal’ zijn. Mo ziet het somber in: massa ontslagen, machtsmisbruik en ellende!

Azriel David Fastag stierf in Treblinka. Zijn naam staat op geen enkele gedenksteen. Wat hij achterliet: een melodie, twee jongens ontsnapten, klommen door het dak van de wagon. Één viel van de trein en stierf. De andere bereikte New York, en door hem kennen wij deze melodie. De melodie die nu wereldwijd bij de Holocaust-herdenking wordt gezongen, het Ani Ma’amin: ik geloof met volkomen geloof in de komst van de Messias, en al mocht hij ook talmen, toch wacht ik elke dag op zijn komst. Met dit lied gingen zij de gaskamers in. Azriel had geen verbeelding nodig. Hij had geen formule. Hij had een belofte. Maar of die belofte ooit vervuld zou worden? Hij stierf voordat het antwoord kwam, met muziek op zijn lippen.

Maria van Magdela, ze wilde iets doen! Iets praktisch, iets kleins. Maar wat? Ze huilt, zoals misschien Mo ook gehuild heeft. Ze ging op weg met specerijen, maar het was nog donker, misschien gewoon om te rouwen, te helpen, te verzorgen. Maar de steen was weggerold! Ze rent terug. Ze haalt Petrus en andere discipelen. Die kwamen, en gingen weer weg. Ze begrepen het niet. Maria bleef. Ze stond buiten bij het graf en huilde. Haar leven in scherven. Alle dromen, alle hoop de dood in. Vaag ziet ze iemand, en denkt dat het de tuinman is.

Vier mensen, alle vier worden ze stilgezet na een leven met dromen, met ideeën en ambities.

John had zijn verbeelding. Mooi, oprecht, menselijk. Maar verbeelding sterft als de dromer sterft.

Mo had zijn formule. Scherp, eerlijk, goed bedoeld. Maar geen formule overleeft het verlies van een kind.

Azriel had zijn belofte. Dieper dan formule, ouder dan verbeelding. Maar hij stierf voordat het antwoord kwam.

Maria stond in de tuin. De man vroeg haar: ‘Vrouw, waarom huil je? Wie zoek je?’ Ze dacht dat is de tuinman, misschien weet hij wat er gebeurd is? En dan hoort ze haar naam! Terug uit de dood, is Jezus bij een vrouw, die het niet meer weet. Alleen, huilend, bang en verward, misschien zoals jij het ook af en toe niet ziet zitten. En de God van hemel en aarde zegt haar naam!
Dat is de enige stem die het verschil maakt.
Niet de stem van de dromer.
Niet de stem van het genie.
Niet de stem van de gelovige in het donker.
De stem van Degene die de dood inging en terugkwam.

Misschien staat jouw leven ook wel eens stil,
voelt het alsof God je laat wachten,
dat het lang duurt voor de Messias komt,
Maar het graf is leeg,
en jouw naam wordt geroepen!