Vorige week was er op mijn werk een discussie over het versimpelen van ons MES-domein tot een Unified Namespace model. De redenering was technisch gezien sluitend: alles is data, data heeft context, en als je de context goed structureert past alles in één architectuur. Elegant. Begrijpelijk. En onmiddellijk ook verontrustend.

Want wat verdwijnt er mee? Procesorchestratie. Schedulingslogica. Businessregels die in de tijd leven. ISA-88 batchbeheer. Kwaliteitsworkflows. Traceerbaarheid. Dat zijn geen datastromen, dat zijn beslissingen met context, afhankelijkheden en verantwoordelijkheden. Die passen technisch in het model. Maar ze verdwijnen er niet in. De complexiteit die je wegdefinieert, keert terug als onverklaarbare problemen op de werkvloer.

Ik realiseerde me dat dit gesprek niet over MES ging.

Het patroon

Wij verdragen de complexiteit van de werkelijkheid steeds minder. Niet weten is geen optie geworden. Grijs bestaat niet. Een model dat ‘alles’ omvat is aantrekkelijker dan een eerlijk antwoord dat begint met: dit is ingewikkelder dan het lijkt.

De markt voor zekerheid is enorm. En overal verschijnen aanbieders. Ze opereren in verschillende domeinen maar delen dezelfde beweging: pak een complex systeem, reduceer het tot een hanteerbaar model, beloof dat het model de werkelijkheid afdekt, en verkoop de stappen.

Een model kan technisch correct zijn en toch de werkelijkheid missen. Dat is niet een tekortkoming van het model. Het is een tekortkoming van de verwachting die we eraan hangen.

Drie domeinen, één beweging

In de zelfhulpcultuur wordt de oneindige complexiteit van een mensenleven gereduceerd tot werkbare eenheden. Zeven gewoonten. Vijf talen. Vier temperamenten. Herkenbaar en toegankelijk, maar de impliciete belofte is dodelijk: wie de stappen volgt, komt goed. Wie niet geneest, heeft een stap overgeslagen. De mens die het niet lukt draagt de schuld van het model dat faalt.

In de politiek leidt diezelfde vraag naar zekerheid tot leiders die alles benoemen, alles verklaren en alles beloven op te lossen. Complexe problemen worden teruggebracht tot simpele oorzaken met identificeerbare schuldigen. Ideologieën verslijten elkaar voor gek in plaats van samen te zoeken. De leider die zegt ‘dit is ingewikkeld en vraagt om samenwerking’ haalt de avondkrant niet. De leider die zegt ‘ik alleen weet hoe het moet’ vult zalen, totdat ook hij het niet waarmaakt, waarna de zoektocht naar de volgende messias begint.

In de theologie speelt exact hetzelfde. Tom de Wal van Frontrunners Ministries trekt volle zalen met een boodschap die de onhandelbare complexiteit van lijden en ziekte opheft in zeven stappen naar genezing. God wil altijd genezen. De stappen werken altijd. En als het niet werkt, dan heb jij een stap overgeslagen. De aantrekkingskracht is identiek aan die van de populistische leider en het managementboek: eindelijk iemand die het gewoon zegt. Eindelijk controle.

“Geef ons een koning zoals alle andere volken hebben.”, 1 Samuel 8:5. Samuël waarschuwt. God zegt: laat ze. Ze willen al heel lang niet Mij als leider, maar iemand die zij kunnen zien en begrijpen.

Wat de versimpeling kost

In elk van deze domeinen is de redenering technisch verdedigbaar. Een Unified Namespace kán alles omvatten. Een leider kán een richting geven. Zeven stappen kúnnen helpen. Het probleem is niet het model. Het probleem is de belofte dat het model de werkelijkheid vervangt.

En die belofte heeft een specifieke bijwerking die te weinig aandacht krijgt: ze contamineert het domein. Zodra een simplistische claim luid genoeg klinkt, wordt iedereen die iets genuanceerds over hetzelfde onderwerp wil zeggen geassocieerd met de simplistische versie.

Een predikant die wil zeggen dat geloof mensen werkelijk verandert, niet als techniek, maar als relatie, als genade, als kader dat lijden draagbaar maakt, aarzelt. Want ‘geloof verandert mensen’ klinkt nu als De Wal. Het domein is ingenomen, en de nuance heeft er geen plek meer.

Een architect die wil zeggen dat een MES meer is dan datastromen, dat het gaat om beslissingen in de tijd, om procesverantwoordelijkheid, om de rommelige werkelijkheid van een productieplant, moet eerst uitleggen waarom hij niet gewoon voor het elegante model kiest.

Wat er ondersneeuwt is niet de simpele boodschap. Die overleeft altijd. Wat ondersneeuwt is het echte, het geduldige, het genuanceerde, het eerlijke dat geen zaal vult maar wel werkt.

De complexiteit die je wegdefinieert verdwijnt niet. Ze keert terug, op de werkvloer, in de spreekkamer, in de samenleving. Altijd op het moment dat je het minst verwacht.

Het evangelie als tegengif, of toch niet?

Het zou mooi zijn om hier te kunnen schrijven dat het evangelie het antwoord is op dit alles. Maar dat zou het patroon herhalen. Want zodra je zegt ‘ik heb de oplossing’, ben je weer de aanbieder van zekerheid in een markt die er vol van is.

Wat het evangelie wél biedt, in zijn meest onhandelbare, onverkoopbare vorm, is precies het tegenovergestelde van stappen. Jezus weigert de rol die de mensen hem aanbieden. Na de broodvermenigvuldiging wil de menigte hem met geweld tot koning maken. Hij verdwijnt de berg op. Zijn antwoord op complexe vragen is zelden een programma. Het is een tegenvraag, een gelijkenis, een handeling die niemand verwacht.

Luther noemde dit de theologia crucis: God gevonden niet in de triomf maar in het verborgene. Bonhoeffer noemde het kostbare genade tegenover de goedkope: alles wat geloof belooft zonder wat geloof kost. Paulus beschrijft het als kracht die volbracht wordt in zwakheid, niet ondanks maar door het gebrek aan controle.

Dat is moeilijker te verkopen dan zeven stappen. Het vult minder goed zalen. Het is ook eerlijker over wat werkelijke verandering kost.

Wat dit vraagt

Ik schrijf dit niet als aanklacht tegen mensen die houvast zoeken, dat verlangen is menselijk en begrijpelijk. Ik schrijf het als observatie van wat er verloren gaat als wij dat verlangen systematisch honoreren met modellen die de werkelijkheid claimen te vervangen.

In technologie, in politiek, in zelfhulp, in theologie: de werkelijkheid is rommeliger dan het model. Mensen zijn complexer dan de stappen. Verandering is trager, niet-lineair en dikwijls onzichtbaar totdat ze al heeft plaatsgevonden.

Wat dit vraagt is niet een beter model. Het vraagt mensen, architecten, leiders, predikanten, therapeuten, die de complexiteit durven bewonen zonder de belofte dat ze haar oplossen.

De vraag is niet of wij leiders, modellen en methodes willen die alles omvatten. Die vraag is al beantwoord. De vraag is wat wij missen zolang wij daar genoegen mee nemen.